NEDERLANDS
🇳🇱

    Kokken

    uncommonZipf 2.1

    bacterie; haan; werkwoord

    • de kok

      Zelfstandig naamwoord/'kɔk/

      bacterie

      enkelvoud

      kokkokje

      meervoud

      kokkenkokjes
    • de kok

      Zelfstandig naamwoord/'kɔk/

      haan

      enkelvoud

      kokkokje

      meervoud

      kokkenkokjes
    • kokken

      Werkwoord/'kɔkən; 'kɔkə/

      infinitief

      kokken

      tegenwoordige tijd

      kokkoktkokken

      verleden tijd

      koktekokten

      tegenwoordig deelwoord

      kokkendkokkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren