NEDERLANDS
🇳🇱

    Kolkend

    uncommonZipf 1.8

    adjectief; werkwoord

    • kolkend

      Bijvoeglijk naamwoord/'kɔlkənt/

      stellende trap

      kolkendkolkendekolkends
    • kolken

      Werkwoord/'kɔlkən; 'kɔlkə/

      infinitief

      kolken

      tegenwoordige tijd

      kolkkolktkolken

      verleden tijd

      kolktekolkten

      tegenwoordig deelwoord

      kolkendkolkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren