NEDERLANDS
🇳🇱

    Korsten

    uncommonZipf 2.6

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de korst

      Zelfstandig naamwoord/'kɔrst/

      enkelvoud

      korstkorstje

      meervoud

      korstenkorstjes
    • korsten

      Werkwoord/'kɔrstən; 'kɔrstə/

      infinitief

      korsten

      tegenwoordige tijd

      korstkorsten

      verleden tijd

      korsttekorstten

      tegenwoordig deelwoord

      korstendkorstende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.