NEDERLANDS
🇳🇱

    Krabbelde

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • krabbelen

      Werkwoord/'krɑbələn; 'krɑbələ/

      infinitief

      krabbelen

      tegenwoordige tijd

      krabbelkrabbeltkrabbelen

      verleden tijd

      krabbeldekrabbelden

      tegenwoordig deelwoord

      krabbelendkrabbelende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.