NEDERLANDS
🇳🇱

    Kreuken

    uncommonZipf 2.3

    werkwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • kreuken

      Werkwoord/'krøkən; 'krøkə/

      infinitief

      kreuken

      tegenwoordige tijd

      kreukkreuktkreuken

      verleden tijd

      kreuktekreukten

      tegenwoordig deelwoord

      kreukendkreukende
    • de kreuk

      Zelfstandig naamwoord/'krøk/

      enkelvoud

      kreukkreukje

      meervoud

      kreukenkreukjes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren