Lekkerbek
A2uncommonZipf 2.1
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de lekkerbek
Zelfstandig naamwoord/'lɛkərbɛk/enkelvoud
lekkerbeklekkerbekjemeervoud
lekkerbekkenlekkerbekjeslekkerbekken
Werkwoord/'lɛkərbɛkən; 'lɛkərbɛkə/infinitief
lekkerbekkentegenwoordige tijd
lekkerbeklekkerbektlekkerbekkenverleden tijd
lekkerbektelekkerbektentegenwoordig deelwoord
lekkerbekkendlekkerbekkende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.