Lenen
hetleen
Zelfstandig naamwoordiets in bruikleen
- iets dat tijdelijk aan iemand is gegeven, vooral in de uitdrukking te leenDe laptop is te leen van school.
lenen
Werkwoordtijdelijk krijgen of geven
- iets tijdelijk van iemand krijgen om te gebruikenIk leen vaak boeken bij de bibliotheek.
- iets tijdelijk aan iemand geven om te gebruikenIk leen mijn fiets nooit aan vreemden uit.
- geschikt zijn voor iets, in de vorm zich lenen voorDeze ruimte leent zich uitstekend voor een feest.