NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Lid(de)
    Zelfstandig naamwoorddeel van groep
  • 22Lid(de)
    Zelfstandig naamwoordonderdeel van lichaam

Bladeren

WoordenboekWoordenschatMijn woordenRecente woorden
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇳🇱
  • 11Lid(de)
    Zelfstandig naamwoorddeel van groep
  • 22Lid(de)
    Zelfstandig naamwoordonderdeel van lichaam
  1. NEDERLANDS
  2. /Woordenboek
  3. /Lid
WoordenboekLid

Lid

  • delid

    Zelfstandig naamwoord

    deel van groep

    1. persoon die deel uitmaakt van een groep of organisatieDeze persoon heeft veel ervaring in de vereniging.
    2. onderdeel van iets, zoals een constructie of mechanismeEen onderdeel van deze computer is defect.
    3. diminutief vorm van 'lid', soms schattig gebruiktHet schattige lidje van de musical draagt een kleurrijk kostuum.
  • delid

    Zelfstandig naamwoord

    onderdeel van lichaam

    1. persoon die deel uitmaakt van een groep, organisatie of verenigingEen groep mensen komt samen voor een vergadering.
    2. deel van een geheel, zoals een ledemaat in een lichaam of een onderdeel van een constructieHet been is een belangrijk deel van het lichaam.
    3. afgeleid woord voor een kind of kleine mascotte van een groepHet diminutief van het woord kat is kitten.

Verwante woorden

ledenlidjelidjes