NEDERLANDS
🇳🇱

    Linguïst

    uncommonZipf 2.3

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de linguïst

      Zelfstandig naamwoord/lɪŋ'ɡwɪst; lɪŋ'ɣwɪst/

      enkelvoud

      linguïst

      meervoud

      linguïsten

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren