NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Long
    Bijvoeglijk naamwoordlang in tijd
  • 22Long(de)
    Zelfstandig naamwoordde lange persoon

Bladeren

WoordenboekWoordenschatMijn woordenRecente woorden
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇳🇱
  • 11Long
    Bijvoeglijk naamwoordlang in tijd
  • 22Long(de)
    Zelfstandig naamwoordde lange persoon
  1. NEDERLANDS
  2. /Woordenboek
  3. /Longen
WoordenboekLongen

Longen

  • long

    Bijvoeglijk naamwoord

    lang in tijd

    1. meer afstand tot een eindpunt hebben; niet kort zijnDe afstand tussen de twee steden is groot.
    2. in de tijd meer duur hebbend; niet kortDe voorstelling duurt tweeënhalf uur.
    3. met een grote hoeveelheid of uitgebreide mate; niet klein of beperktDe boom is groot.
  • delong

    Zelfstandig naamwoord

    de lange persoon

    1. orgaan van het ademhalingsstelsel, verantwoordelijk voor de gasuitwisselingDe longen zorgen ervoor dat zuurstof in het bloed komt.
    2. een lange, dunne deel van iets, vaak in de medische of therapeutische contextHet medisch onderzoek toonde aan dat de zenuw was beschadigd.
    3. een diminutief vorm van long, wat schattig of kleiner betekentEen schattig diminutief van het woord 'kat' is 'katje'.

Verwante woorden

longlongerlongetjelongetjes

Blijf leren

Meest voorkomende Nederlandse woordenOefenen