NEDERLANDS
🇳🇱

    Makke

    uncommonZipf 2.4

    adjectief; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • mak

      Bijvoeglijk naamwoord/'mɑk/

      stellende trap

      makmakkemaks

      vergrotende trap

      makkermakkeremakkers

      overtreffende trap

      makstmakste
    • de makke

      Zelfstandig naamwoord/'mɑkə/

      enkelvoud

      makke

      meervoud

      makkes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren