NEDERLANDS
🇳🇱

    Manoeuvreert

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • manoeuvreren

      Werkwoord/manu'vrerən; manu'vrerə; manø'vrerən; manø'vrerə/

      infinitief

      manoeuvreren

      tegenwoordige tijd

      manoeuvreermanoeuvreertmanoeuvreren

      verleden tijd

      manoeuvreerdemanoeuvreerden

      tegenwoordig deelwoord

      manoeuvrerendmanoeuvrerende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren