NEDERLANDS
🇳🇱

    Marle

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • marlen

      Werkwoord/'mɑrlən; 'mɑrlə/

      infinitief

      marlen

      tegenwoordige tijd

      marlmarltmarlen

      verleden tijd

      marldemarlden

      tegenwoordig deelwoord

      marlendmarlende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren