NEDERLANDS
🇳🇱

    Meelijden

    uncommonZipf 2.4

    werkwoord

    • meelijden

      Werkwoord/'melɛɪdən; 'melɛɪdə/

      infinitief

      meelijden

      tegenwoordige tijd

      lijd meemeelijdlijdt meemeelijdtlijden meemeelijden

      verleden tijd

      leed meemeeleedleden meemeeleden

      tegenwoordig deelwoord

      meelijdendmeelijdende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren