NEDERLANDS
🇳🇱

    Meeloopt

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord

    • meelopen

      Werkwoord/'melopən; 'melopə/

      infinitief

      meelopen

      tegenwoordige tijd

      loop meemeelooploopt meemeelooptlopen meemeelopen

      verleden tijd

      liep meemeeliepliepen meemeeliepen

      tegenwoordig deelwoord

      meelopendmeelopende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren