NEDERLANDS
🇳🇱

    Misdeelden

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • misdelen

      Werkwoord/mɪz'delən; mɪz'delə/

      infinitief

      misdelen

      tegenwoordige tijd

      misdeelmisdeeltmisdelen

      verleden tijd

      misdeeldemisdeelden

      tegenwoordig deelwoord

      misdelendmisdelende
    • de misdeelde

      Zelfstandig naamwoord/mɪz'deldə/

      enkelvoud

      misdeelde

      meervoud

      misdeelden

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren