NEDERLANDS
🇳🇱

    Nablijf

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • nablijven

      Werkwoord/'nablɛɪvən; 'nablɛɪvə/

      infinitief

      nablijven

      tegenwoordige tijd

      blijf nanablijfblijft nanablijftblijven nanablijven

      verleden tijd

      bleef nanableefbleven nanableven

      tegenwoordig deelwoord

      nablijvendnablijvende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren