NEDERLANDS
🇳🇱

    Napraten

    uncommonZipf 2.3

    werkwoord

    • napraten

      Werkwoord/'napratən; 'napratə/

      infinitief

      napraten

      tegenwoordige tijd

      praat nanapraatpraten nanapraten

      verleden tijd

      praatte nanapraattepraatten nanapraatten

      tegenwoordig deelwoord

      napratendnapratende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren