Neerzitten
uncommonZipf 2.6
werkwoord
neerzitten
Werkwoord/'nerzɪtən; 'nerzɪtə/infinitief
neerzittentegenwoordige tijd
zit neerneerzitzitten neerneerzittenverleden tijd
zat neerneerzatzaten neerneerzatentegenwoordig deelwoord
neerzittendneerzittende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.