Opborrelen
uncommonZipf 2.1
werkwoord
opborrelen
Werkwoord/'ɔbɔrələn; 'ɔbɔrələ/infinitief
opborrelentegenwoordige tijd
borrel opopborrelborrelt opopborreltborrelen opopborrelenverleden tijd
borrelde opopborreldeborrelden opopborreldentegenwoordig deelwoord
opborrelendopborrelende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.