NEDERLANDS
🇳🇱

    Opbrandt

    uncommonZipf 2.4

    werkwoord

    • opbranden

      Werkwoord/'ɔbrɑndən; 'ɔbrɑndə/

      infinitief

      opbranden

      tegenwoordige tijd

      brand opopbrandbrandt opopbrandtbranden opopbranden

      verleden tijd

      brandde opopbranddebrandden opopbrandden

      tegenwoordig deelwoord

      opbrandendopbrandende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren