Opgeleukt
uncommonZipf 2.3
adjectief; werkwoord
opgeleukt
Bijvoeglijk naamwoord/'ɔpxəløkt/stellende trap
opgeleuktopgeleukteopgeleuktsopleuken
Werkwoord/'ɔpløkən; 'ɔpløkə/infinitief
opleukentegenwoordige tijd
leuk opopleukleukt opopleuktleuken opopleukenverleden tijd
leukte opopleukteleukten opopleuktentegenwoordig deelwoord
opleukendopleukende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.