Opgesmukt
uncommonZipf 2.2
adjectief; werkwoord
opgesmukt
Bijvoeglijk naamwoord/'ɔpxəsmʏkt/stellende trap
opgesmuktopgesmukteopgesmuktsvergrotende trap
opgesmukteropgesmuktereopgesmuktersovertreffende trap
opgesmuktstopgesmuktsteopsmukken
Werkwoord/'ɔpsmʏkən; 'ɔpsmʏkə/infinitief
opsmukkentegenwoordige tijd
smuk opopsmuksmukt opopsmuktsmukken opopsmukkenverleden tijd
smukte opopsmuktesmukten opopsmuktentegenwoordig deelwoord
opsmukkendopsmukkende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.