NEDERLANDS
🇳🇱

    Opgroeiende

    uncommonZipf 2.3

    werkwoord; adjectief

    • opgroeien

      Werkwoord/'ɔpxrujən; 'ɔpxrujə/

      infinitief

      opgroeien

      tegenwoordige tijd

      groei opopgroeigroeit opopgroeitgroeien opopgroeien

      verleden tijd

      groeide opopgroeidegroeiden opopgroeiden

      tegenwoordig deelwoord

      opgroeiendopgroeiende
    • opgroeiend

      Bijvoeglijk naamwoord/'ɔpxrujənt/

      stellende trap

      opgroeiendopgroeiendeopgroeiends

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren