NEDERLANDS
🇳🇱

    Opper

    uncommonZipf 2.6

    persoon; ligplaats; hooischelf

    • de opper

      Zelfstandig naamwoord/'ɔpər/

      persoon

      enkelvoud

      opperoppertje

      meervoud

      oppersoppertjes
    • de opper

      Zelfstandig naamwoord/'ɔpər/

      ligplaats

      enkelvoud

      opperoppertje

      meervoud

      oppersoppertjes
    • de opper

      Zelfstandig naamwoord/'ɔpər/

      hooischelf

      enkelvoud

      opperoppertje

      meervoud

      oppersoppertjes
    • opperen

      Werkwoord/'ɔpərən; 'ɔpərə/

      suggereren

      infinitief

      opperen

      tegenwoordige tijd

      opperoppertopperen

      verleden tijd

      opperdeopperden

      tegenwoordig deelwoord

      opperendopperende
    • opperen

      Werkwoord/'ɔpərən; 'ɔpərə/

      als opperman werken

      infinitief

      opperen

      tegenwoordige tijd

      opperoppertopperen

      verleden tijd

      opperdeopperden

      tegenwoordig deelwoord

      opperendopperende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren