Optrek
uncommonZipf 2.5
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de optrek
Zelfstandig naamwoord/'ɔptrɛk/enkelvoud
optrekoptrekjemeervoud
optrekkenoptrekjesoptrekken
Werkwoord/'ɔptrɛkən; 'ɔptrɛkə/infinitief
optrekkentegenwoordige tijd
trek opoptrektrekt opoptrekttrekken opoptrekkenverleden tijd
trok opoptroktrokken opoptrokkentegenwoordig deelwoord
optrekkendoptrekkende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.