NEDERLANDS
🇳🇱

    Parochiepriester

    uncommonZipf 2.2

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de parochiepriester

      Zelfstandig naamwoord/pɑ'rɔxipristər/

      enkelvoud

      parochiepriester

      meervoud

      parochiepriesters

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren