Pastoor
A2top5000Zipf 4.1
zelfstandig naamwoord, enkelvoud
de pastoor
Zelfstandig naamwoord/pɑs'tor/enkelvoud
pastoorpastoortjemeervoud
pastoorspastoortjes
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.