NEDERLANDS
🇳🇱

    Plamuur

    uncommonZipf 2.3

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de/het plamuur

      Zelfstandig naamwoord/pla'myr/

      enkelvoud

      plamuur
    • plamuren

      Werkwoord/pla'myrən; pla'myrə/

      infinitief

      plamuren

      tegenwoordige tijd

      plamuurplamuurtplamuren

      verleden tijd

      plamuurdeplamuurden

      tegenwoordig deelwoord

      plamurendplamurende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren