Pluimen
uncommonZipf 2.6
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; adjectief; werkwoord
de pluim
Zelfstandig naamwoord/'plœym/enkelvoud
pluimpluimpjemeervoud
pluimenpluimpjespluimen
Bijvoeglijk naamwoord/'plœymən; 'plœymə/stellende trap
pluimenpluimen
Werkwoord/'plœymən; 'plœymə/infinitief
pluimentegenwoordige tijd
pluimpluimtpluimenverleden tijd
pluimdepluimdentegenwoordig deelwoord
pluimendpluimende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.