NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Praktijk(de)
    Zelfstandig naamwoordhet werk in de praktijk

Bladeren

WoordenboekWoordenschatMijn woordenRecente woorden
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇳🇱
  • 11Praktijk(de)
    Zelfstandig naamwoordhet werk in de praktijk
  1. NEDERLANDS
  2. /Woordenboek
  3. /Praktijkjes
WoordenboekPraktijkjes

Praktijkjes

  • depraktijk

    Zelfstandig naamwoord

    het werk in de praktijk

    1. de uitvoering of toepassing van een vaardigheid, bijvoorbeeld in een beroep of studieDe toepassing van de nieuwe techniek is erg succesvol.
    2. de dagelijkse werkzaamheden of de gebruikelijke gang van zaken in een situatieDe dagelijkse werkzaamheden zijn belangrijk voor een goede organisatie.
    3. de specifieke setting waarin iemand werkt, zoals een dokterspraktijkDe setting van deze huisartsenpraktijk is zeer professioneel.
    4. een zogenaamd praktijkje, dat ook betrekking kan hebben op kleinere of minder formele vormen van praktijkDit praktijkje helpt ons om de theorie beter te begrijpen.

Verwante woorden

praktijkpraktijkenpraktijkje