Prepareer
uncommonZipf 2.4
werkwoord
prepareren
Werkwoord/prepa'rerən; prepa'rerə/infinitief
preparerentegenwoordige tijd
prepareerprepareertpreparerenverleden tijd
prepareerdeprepareerdentegenwoordig deelwoord
preparerendpreparerende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.