NEDERLANDS
🇳🇱

    Pruim

    B1commonZipf 3.1

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de pruim

      Zelfstandig naamwoord/'prœym/

      enkelvoud

      pruimpruimpje

      meervoud

      pruimenpruimpjes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren