NEDERLANDS
🇳🇱

    Raggen

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • raggen

      Werkwoord/'rɑɣən; 'rɑɣə/

      infinitief

      raggen

      tegenwoordige tijd

      ragragtraggen

      verleden tijd

      ragderagden

      tegenwoordig deelwoord

      raggendraggende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren