NEDERLANDS
🇳🇱

    Rangschikken

    B1uncommonZipf 2.3

    werkwoord

    • rangschikken

      Werkwoord/'rɑŋsxɪkən; 'rɑŋsxɪkə/

      infinitief

      rangschikken

      tegenwoordige tijd

      rangschikrangschiktrangschikken

      verleden tijd

      rangschikterangschikten

      tegenwoordig deelwoord

      rangschikkendrangschikkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.