NEDERLANDS
🇳🇱

    Rivaliserende

    uncommonZipf 2.8

    werkwoord

    • rivaliseren

      Werkwoord/rivali'zerən; rivali'zerə/

      infinitief

      rivaliseren

      tegenwoordige tijd

      rivaliseerrivaliseertrivaliseren

      verleden tijd

      rivaliseerderivaliseerden

      tegenwoordig deelwoord

      rivaliserendrivaliserende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.