NEDERLANDS
🇳🇱

    Rommelend

    uncommonZipf 2.0

    werkwoord; adjectief

    • rommelen

      Werkwoord/'rɔmələn; 'rɔmələ/

      infinitief

      rommelen

      tegenwoordige tijd

      rommelrommeltrommelen

      verleden tijd

      rommelderommelden

      tegenwoordig deelwoord

      rommelendrommelende
    • rommelend

      Bijvoeglijk naamwoord/'rɔmələnt/

      stellende trap

      rommelendrommelenderommelends

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren