NEDERLANDS
🇳🇱

    Ronddraaiende

    uncommonZipf 2.6

    adjectief; werkwoord

    • ronddraaiend

      Bijvoeglijk naamwoord/'rɔndrajənt/

      stellende trap

      ronddraaiendronddraaienderonddraaiends

      vergrotende trap

      ronddraaienderronddraaiendereronddraaienders

      overtreffende trap

      ronddraaiendstronddraaiendste
    • ronddraaien

      Werkwoord/'rɔndrajən; 'rɔndrajə/

      infinitief

      ronddraaien

      tegenwoordige tijd

      draai rondronddraaidraait rondronddraaitdraaien rondronddraaien

      verleden tijd

      draaide rondronddraaidedraaiden rondronddraaiden

      tegenwoordig deelwoord

      ronddraaiendronddraaiende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren