NEDERLANDS
🇳🇱

    Roskammen

    uncommonZipf 2.2

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de roskam

      Zelfstandig naamwoord/'rɔskɑm/

      enkelvoud

      roskam

      meervoud

      roskammen
    • roskammen

      Werkwoord/'rɔskɑmən; 'rɔskɑmə/

      infinitief

      roskammen

      tegenwoordige tijd

      roskamroskamtroskammen

      verleden tijd

      roskamderoskamden

      tegenwoordig deelwoord

      roskammendroskammende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren