Samengaat
uncommonZipf 2.5
werkwoord
samengaan
Werkwoord/'samənɣan; 'saməɣan/infinitief
samengaantegenwoordige tijd
ga samensamengagaat samensamengaatgaan samensamengaanverleden tijd
ging samensamenginggingen samensamengingentegenwoordig deelwoord
samengaandsamengaande
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.