NEDERLANDS
🇳🇱

    Samenvat

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • samenvatten

      Werkwoord/'samənvɑtən; 'saməvɑtə/

      infinitief

      samenvatten

      tegenwoordige tijd

      vat samensamenvatvatten samensamenvatten

      verleden tijd

      vatte samensamenvattevatten samensamenvatten

      tegenwoordig deelwoord

      samenvattendsamenvattende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren