NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Saus(de)
    Zelfstandig naamwoordvloeibare toevoeging bij eten
  • 22Sausen
    Werkwoordsaus maken of toevoegen
  • 33Sauzen
    Werkwoordsaus gebruiken of toevoegen

Bladeren

WoordenboekWoordenschatMijn woordenRecente woorden
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇳🇱
  • 11Saus(de)
    Zelfstandig naamwoordvloeibare toevoeging bij eten
  • 22Sausen
    Werkwoordsaus maken of toevoegen
  • 33Sauzen
    Werkwoordsaus gebruiken of toevoegen
  1. NEDERLANDS
  2. /Woordenboek
  3. /Saust
WoordenboekSaust

Saust

  • desaus

    Zelfstandig naamwoord

    vloeibare toevoeging bij eten

    1. vloeibare of dikke substantie die over eten wordt gedaan voor smaakIk doe altijd saus op mijn patat.
  • sausen

    Werkwoord

    saus maken of toevoegen

    1. een saus toevoegen aan eten of ergens overheen doenIk saus de salade met yoghurtdressing.
    2. (informeel) snel en slordig bewegen of iets doenHij saust altijd door zijn huiswerk heen.
  • sauzen

    Werkwoord

    saus gebruiken of toevoegen

    1. eten overgieten of bedekken met een sausIk sauze mijn frietjes altijd met mayonaise.
    2. (informeel) iets op een slordige manier verpesten of bedervenHij sauzt altijd zijn kamer.

Verwante woorden

gesausdgesaustsaussausdesausdensausesausensausendsausendesausjesausjessaustesaustensauzesauzensauzendsauzende

Blijf leren

Meest voorkomende Nederlandse woordenOefenen