Schalm
uncommonZipf 1.8
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de schalm
Zelfstandig naamwoord/'sxɑlm/enkelvoud
schalmschalmpjemeervoud
schalmenschalmpjesschalmen
Werkwoord/'sxɑlmən; 'sxɑlmə/infinitief
schalmentegenwoordige tijd
schalmschalmtschalmenverleden tijd
schalmdeschalmdentegenwoordig deelwoord
schalmendschalmende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.