Schotel
A2commonZipf 3.7
schaal; ovenpaal; werkwoord
de schotel
Zelfstandig naamwoord/'sxotəl/schaal
enkelvoud
schotelschoteltjemeervoud
schotelsschoteltjesde schotel
Zelfstandig naamwoord/'sxotəl/ovenpaal
enkelvoud
schotelschoteltjemeervoud
schotelsschoteltjesschotelen
Werkwoord/'sxotələn; 'sxotələ/infinitief
schotelentegenwoordige tijd
schotelschoteltschotelenverleden tijd
schoteldeschoteldentegenwoordig deelwoord
schotelendschotelende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.