Schouw
uncommonZipf 2.8
adjectief; het schouwen; schuwheid
schouw
Bijvoeglijk naamwoord/'sxɔu/stellende trap
schouwschouweschouwsvergrotende trap
schouwerschouwereschouwersovertreffende trap
schouwstschouwstede schouw
Zelfstandig naamwoord/'sxɔu/het schouwen
enkelvoud
schouwschouwtjemeervoud
schouwenschouwtjesde schouw
Zelfstandig naamwoord/'sxɔu/schuwheid
enkelvoud
schouwschouwtjemeervoud
schouwenschouwtjesde schouw
Zelfstandig naamwoord/'sxɔu/stookplaats
enkelvoud
schouwschouwtjemeervoud
schouwenschouwtjesde schouw
Zelfstandig naamwoord/'sxɔu/schuit
enkelvoud
schouwschouwtjemeervoud
schouwenschouwtjesschouwen
Werkwoord/'sxɔuwən; 'sxɔuwə/infinitief
schouwentegenwoordige tijd
schouwschouwtschouwenverleden tijd
schouwdeschouwdentegenwoordig deelwoord
schouwendschouwende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.