NEDERLANDS
🇳🇱

    Schragen

    uncommonZipf 2.1

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de schraag

      Zelfstandig naamwoord/'sxrax/

      enkelvoud

      schraagschraagje

      meervoud

      schragenschraagjes
    • schragen

      Werkwoord/'sxraɣən; 'sxraɣə/

      infinitief

      schragen

      tegenwoordige tijd

      schraagschraagtschragen

      verleden tijd

      schraagdeschraagden

      tegenwoordig deelwoord

      schragendschragende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren