NEDERLANDS
🇳🇱

    Slice

    uncommonZipf 2.3

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de slice

      Zelfstandig naamwoord/'slɑjs/

      enkelvoud

      slice

      meervoud

      slices
    • slicen

      Werkwoord/'slɑjsən; 'slɑjsə/

      infinitief

      slicen

      tegenwoordige tijd

      sliceslicetslicen

      verleden tijd

      slicetesliceten

      tegenwoordig deelwoord

      slicendslicende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren