NEDERLANDS
🇳🇱

    Sneeuwwit

    uncommonZipf 2.4

    adjectief; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • sneeuwwit

      Bijvoeglijk naamwoord/'snewɪt; sne'wɪt/

      stellende trap

      sneeuwwitsneeuwwittesneeuwwits

      vergrotende trap

      sneeuwwittersneeuwwitteresneeuwwitters

      overtreffende trap

      sneeuwwitstsneeuwwitste
    • het sneeuwwit

      Zelfstandig naamwoord/'snewɪt/

      enkelvoud

      sneeuwwit

      meervoud

      sneeuwwitten

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren