NEDERLANDS
🇳🇱

    Spiegelt

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord

    • spiegelen

      Werkwoord/'spiɣələn; 'spiɣələ/

      infinitief

      spiegelen

      tegenwoordige tijd

      spiegelspiegeltspiegelen

      verleden tijd

      spiegeldespiegelden

      tegenwoordig deelwoord

      spiegelendspiegelende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren