NEDERLANDS
🇳🇱

    Spijze

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • spijzen

      Werkwoord/'spɛɪzən; 'spɛɪzə/

      infinitief

      spijzen

      tegenwoordige tijd

      spijsspijstspijzen

      verleden tijd

      spijsdespijsden

      tegenwoordig deelwoord

      spijzendspijzende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren